Baby’s zijn ontzettend slim. Ze worden geboren als kwetsbare, hulpeloze wezentjes maar veranderen binnen no-time in energieke en beweeglijke kwebbelkonten. Hoe leren ze zóveel in zo’n korte tijd?
De ene baby is de andere niet
Uit eerder onderzoek weten we dat baby’s ongelooflijk leergierig zijn. Ze richten hun aandacht namelijk op de dingen in hun omgeving waar ze van kunnen leren. Zijn ze uitgeleerd? Dan haken ze af! Ook hebben we ontdekt dat de ene baby leergieriger is dan de andere. Wat betekent dit op de lange termijn?
Van baby tot kleuter
Om deze vraag te kunnen beantwoorden hebben we kinderen twee keer bij het BRC uitgenodigd: een keer op een leeftijd van 8 maanden en een keer op een leeftijd van 3,5 jaar. Met een ingenieuze onderzoeksopzet (lees hier meer) konden we met 8 maanden meten hoe leergierig de baby’tjes waren. Met 3,5 jaar maten wij vervolgens hun cognitieve ontwikkeling met een intelligentietest voor kinderen.
Bijzonder leergierig
De resultaten waren opvallend: alleen de baby’s die met 8 maanden bijzonder leergierig waren, scoorden op kleuterleeftijd hoger op de intelligentietest dan hun minder leergierige leeftijdsgenootjes! Vooral op het gebied van taal en kennis scoorden deze kinderen hoog.
Kettingreactie
De onderzoekers denken dat hier sprake is van een soort kettingreactie: een baby die veel interesse toont in zijn omgeving, lokt mogelijk meer verbale reacties uit van zijn verzorgers, waardoor het kind meer woorden en feitjes leert. Een kind creëert zo zélf meer kansen om te leren.
Wel een voordeel, maar geen nadeel
Tegelijkertijd is het omgekeerde niet het geval: baby’s die minder leergierig waren, scoorden op kleuterleeftijd niet per definitie lager op de intelligentietest. Leergierigheid lijkt dus als een “boost” te werken: vooral kinderen die als baby extra leergierig zijn, laten later betere cognitieve prestaties zien!